Home » Kerk » Meer Spreekwoorden

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een lust voor het oog - Genesis 3:6  

Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde - Jesaja 65:17 en Openbaring 21:1

Een ongelovige Thomas - Johannes 20:24-29

Een rib uit je lijf - Genesis 2:21-22

Een roepende in de woestijn - Jesaja 40:3, geciteerd in matteus 3:3, Lucas 3:4, Johannes 1:23

Een Salomonsoordeel - 1 Koningen 3:16-28

Een teken aan de wand - Daniël 5:25

Een teken des tijds [Matteüs 16:3] 

Een wet van Meden en Perzen - Esther I:19 en Daniël 6:9

Een wolf in schaapskleren - Matteus 7:15  

Eerder nog gaat een kameel door het oog van de naald dan dat een rijkaard in de hemel komt - Mattheüs 19:24

Eerst zien en dan geloven - Johannes 20:25  

Eert uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat de Here, uw God, u geven zal - Exodus 20:12

En zie het was Lea Genesis 29:25

Er is niets nieuws onder de zon - Prediker 1:10

Er zit een addertje onder het gras - Genesis 3:1 en Matteus 12:34, Matteus 3:7  

Ere wie ere toekomt - Romeinen 13:7

Ga heen, en zondig niet meer - Johannes 8:11

Gaat heen en vermenigvuldigt u - Genesis 1:28 en 9:1

Geef de keizer wat des keizers is - Matteüs 22:21

Geen tittel of jota veranderen - Matteüs 5:18

Geen zorgen voor de dag van morgen - Mattheüs 6:34

Geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde - 1 Korintiërs 13:13

Gewogen en te licht bevonden - Daniël 5:27

Het heilige der heiligen - Exodus 27:33 e.v

Het is hier een Sodom en Gomorra - Genesis 18:20

Het kaf van het koren scheiden - Matteus 3:12 en Lucas 3:17  

Het land der levenden - Jesaja 53:8

Het land van melk en honing - Exodus 3:8

Hij is een echte Judas - Lucas 22:48

Hij moest strijden tegen een Goliath - 1 Samuël 17

Honger maakt rauwe bonen zoet (Aan de hongerige ziel is alle bitter zoet) - Spreuken 27:7  

Hoogmoed komt voor de val - Spreuken 16:18

Iemand de andere wang toekeren - Lucas 6:29

Iemand de mond snoeren - 1 Petrus 2:15 en Romeinen 3:19  

Iemand de woorden in de mond leggen – Exodus 4:15

Iemand op handen dragen - Psalm 91:12  

Ik vrees met groten vreze - Lucas 2:9

In Adamskostuum - Genesis 3:10

In het duister tasten – Job 12:25

In het zweet uws aanschijns - Genesis 3:17-19

In zak en as zitten - Esther 4:1-3

Ik vrees met groten vreze - Lucas 2:9

Jammeren als Jeremia: ook werkwoord jeremiëren synoniemen jammeren, lamenteren, weeklagen

Je broeders hoeder zijn - Genesis 4:9

Je dagen zijn geteld - Daniël 5: 26

Je hebt zeker met mijn kalf geploegd - Richteren 14:18

Je kunt geen twee heren dienen - Matteüs 6:24

Je talenten niet verspillen - Matteüs 25:14-30

Komen als een dief in de nacht - 1 Tessalonicenzen 5:2

Laat de kinderen tot mij komen - Matteüs 19:14Marcus 10:14Lucas 18:16

Laat mij toch slokken van dat rode, dat rode daar - Genesis 25:30

Maak je geen zorgen voor de dag van morgen - Matteüs 6:34

Met dezelfde maat meten - Spreuken 20:10

Met je talenten woekeren – Mattheüs 25

Met twee maten meten – Mattheüs 7:2

Muggenziften - Matteüs 23:24

Naar de Filistijnen - Richteren/Rechters 13:1

Nederigheid siert de mens - Matteüs 23:12Lucas 14:11 en 18:14

Neemt en eet - Matteüs 26:26

Niet bij brood alleen zult gij leven / Matteüs 4:4

Niet van gisteren zijn - Job 8:9

Nog even slapen, nog even sluimeren, nog even liggen met gevouwen handen... - Spreuken 6:10 en 24:33

Onderzoekt alle dingen en behoudt het goede - 1 Tessalonicenzen 5:19-21

Oog om oog, tand om tand - Exodus 21:24

Oogappel - Psalm 17:8

Op handen dragen – Psalm 91:12

Op twee gedachten hinken – 1 Koningen 18:21

Oud en der dagen zat - Genesis 25:8

Oude wijn in nieuwe zakken - Matteüs 9:17Marcus 2:22 en Lucas 5:37

Paarlen voor de zwijnen werpen – Mattheës 7:6

Sodomie - Genesis 19:4-11

Te elfder ure (of de werkers van het elfde uur) - Matteüs 20:9

Uit den boze - Matteüs 5:37

Vanwaar Gehazi? - 2 Koningen 5:25

Vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen - Lucas 23:34

Waar het hart vol van is, loopt de mond van over – Mattheüs 12:34

Wat is waarheid? - Johannes 18:38

Wie een kuil graaft voor een ander, valt er zelf in Spreuken 26:27

Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook aan een ander niet – Matteüs 7:12

Wie het zwaard gebruikt, zal door het zwaard omkomen - Matteüs 26:52

Wie wind zaait, zal storm oogsten – Hosea 8:7

Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen - Johannes 8:7

Wijze en dwaze maagden - Matteüs 25:1-13

Woest en ledig - Genesis 1:2

Woorden in de mond leggen - Exodus 4:15Jesaja 51:16

Zalig de armen van geest – Matteüs 5:3

Zelfs een dwaas die zijn mond houdt gaat nog door voor wijs - Spreuken 17:28

Zeven vette en zeven magere jaren -Genesis 41:25-31

Zie, ik maak alle dingen nieuw - Openbaring 21:5

Zijn handen in onschuld wassen - Matteüs 27:24

Zijn kruis dragen Matteüs 16:24Marcus 8:34 en Lucas 9:23

Zo arm als Job - Job

Zo oud als Méthusalem - Genesis 5:27

Zoekt en gij zult vinden - Matteüs 7:7

Zwaarden tot ploegscharen smeden – Jesaja 2:4